Waarborg


Principe

De huurwaarborg beschermt de verhuurder wanneer de huurder zijn verplichtingen niet nakomt door bv. schade aan de woning. Hoewel de huurwaarborg niet verplicht wordt opgelegd door de wet, bepalen de meeste overeenkomsten dus wel dat de huurder een waarborg stelt.

Art. 10 van de Woninghuurwet bepaalt enkele voorschriften voor een waarborg wanneer het huurcontract tot hoofdverblijfplaats van de huurder strekt. De waarborg mag heden niet meer bedragen dan 2 of 3 maanden huur, afhankelijk van de vorm van de huurwaarborg.

De waarborg kan naar keuze van de huurder drie vormen aannemen:

  • een geïndividualiseerde rekening op naam van de huurder bij een financiële instelling
  • een bankwaarborg die het de huurder mogelijk maakt de waarborg progressief samen te stellen
  • een waarborg via het OCMW en een financiële instelling

Wanneer de huurder kiest voor een geïndividualiseerde rekening, mag de huurwaarborg niet meer bedragen dan een bedrag gelijk aan 2 maanden huur.

Wanneer de huurder kiest voor een bankwaarborg, zal hij deze samenstellen middels maandelijkse afbetalingen gedurende de duur van de huurovereenkomst, met een maximumduur van drie jaar, en is deze gelijk aan een bedrag van maximaal drie maanden huur. De financiële instelling moet die zijn waar de huurder in voorkomend geval zijn rekening heeft en waar zijn beroeps- of vervangingsinkomsten worden gestort. Indien de huurder stopt met het storten van zijn beroeps- of vervangingsinkomens bij de desbetreffende instelling, is die gerechtigd om de integrale en onmiddellijke samenstelling van de waarborg te eisen, onverminderd de mogelijkheid om die over te brengen naar een andere financiële instelling.

De huurder zal geen enkele debetrente verschuldigd zijn aan de financiële instelling, die hem rente zal uitkeren vanaf de dag dat de waarborg volledig is samengesteld.


Gevolgen

De geplaatste waarborg zal intrest opbrengen. Deze intrest wordt gekapitaliseerd. D.w.z. dat de intrest zich bij de hoofdsom voegt en zelf intrest gaat opbrengen. Noch de huurder of verhuurder kunnen tijdens de huurperiode over de hoofdsom of de intresten beschikken.

Verder verkrijgt de verhuurder een voorrecht op de waarborg voor elke schuldvordering ingevolge de gehele of gedeeltelijke tekortkoming van de huurder.

Hoe wordt de huurwaarborg vrijgegeven? Partijen zullen op het einde van de huurperiode een schriftelijk akkoord opstellen, bij gebreke waaraan een rechterlijke beslissing noodzakelijk wordt. Hiervoor zal de huurder of verhuurder zich in de eerste plaats tot de Vrederechter moeten wenden.


Sanctie indien de verhuurder de waarborg onder zich houdt

In veel gevallen overhandigt de huurder de waarborg in contanten aan de verhuurder, waarna deze nalaat deze te plaatsen op een geïndividualiseerde rekening op naam van de huurder zoals de Wet voorschrijft.

In dat geval is de verhuurder ertoe gehouden om aan de huurder rente te betalen aan de gemiddelde rentevoet van de financiële markt op het bedrag van de waarborg, vanaf het moment dat die overhandigd wordt. Deze rente wordt gekapitaliseerd.

Vanaf de dag dat de huurder de verhuurder in gebreke stelt om te voldoen aan de verplichting tot het plaatsten op een geïndividualiseerde rekening, wordt de verschuldigde rente echter de wettelijke interest op het bedrag van de waarborg, in plaats van de gemiddelde rentevoet van de financiële markt.

Tip! Indien je als huurder vermoedt dat de verhuurder de huurwaarborg niet op een geïndividualiseerde rekening heeft geplaatst, schrijf je hem hier dus best schriftelijk op aan.