Waarborg


Algemeen

De huurwaarborg beschermt de verhuurder wanneer de huurder zijn verplichtingen niet nakomt door bv. schade toe te brengen aan het huurpand. Hoewel de huurwaarborg niet verplicht wordt opgelegd door de wet, bepalen de meeste overeenkomsten dus wel dat de huurder een waarborg stelt.

De waarborg zal in het gemeen huurrecht vaak een van volgende vormen aannemen:

  • een waarborg in contanten aan de verhuurder overhandigd
  • een geïndividualiseerde rekening op naam van de huurder bij een financiële instelling
  • een bankwaarborg die het de huurder mogelijk maakt de waarborg progressief samen te stellen

In principe zijn partijen vrij de afspraken rond de huurwaarborg te regelen. Wanneer de huurovereenkomst strekt tot de hoofdverblijfplaats van de huurder gelden bijkomende regels en voorschriften. Zie hiervoor de Waarborg Woninghuur.


Gevolgen

De geplaatste waarborg zal intrest opbrengen. Deze intrest wordt gekapitaliseerd. D.w.z. dat de intrest zich bij de hoofdsom voegt en zelf intrest gaat opbrengen. Noch de huurder of verhuurder kunnen tijdens de huurperiode over de hoofdsom of de intresten beschikken.

Verder verkrijgt de verhuurder een voorrecht op de waarborg voor elke schuldvordering ingevolge de gehele of gedeeltelijke tekortkoming van de huurder.


Vrijgave van de huurwaarborg

Partijen stellen op het einde van de huurperiode best een schriftelijk akkoord op tot vrijgave van borg. Als partijen het niet eens zijn over de schade of de vrijgave van de borg zal de huurder of verhuurder zich tot de Vrederechter moeten wenden. Huur-Recht.be kan u daarbij helpen.