Huurprijs en indexering


Huurprijs

Partijen zijn steeds vrij om de huurprijs te bepalen, alsook of deze al dan niet jaarlijks zal worden geïndexeerd.

De huurindexatie is de jaarlijkse aanpassing van de huurprijs aan de kosten van het levensonderhoud.

De indexering van de huurprijs mag slechts éénmaal per jaar plaatsvinden, ten vroegste op de verjaardag van de huurovereenkomst.

Tot december 1993 gebeurde de indexatie steeds op basis van de schommelingen van het indexcijfer van de consumptieprijzen. Vanaf januari 1994 moet verplicht de gezondheidsindex gebruikt worden.

Bereken hier uw geïndexeerde huurprijs.

Als de huurder de indexatie weigert of vergeet toe te passen, beschikt de verhuurder over een termijn van één jaar om een rechtsvordering op te starten. De termijn van één jaar begint op de dag van de verzending van de aangetekende brief aan de huurder. Na deze termijn is de zaak verjaard.

Let op! Als de huurovereenkomst strekt tot de hoofdverblijfplaats van de huurder gelden bijkomende regels en voorschriften. Zie hiervoor de Huurprijs en Indexatie bij de Woninghuur.


Kosten en lasten

De partijen zijn vrij in het huurcontract te bepalen welke kosten en lasten door de verhuurder en welke door de huurder worden gedragen.

Kosten zijn de uitgaven die de huurder of de verhuurder moet doen om de huurder het volwaardig genot te verzekeren. Bv. water, verwarming, elektriciteit,...

Lasten zijn allerlei belastingen of retributies zoals bijvoorbeeld de milieubelasting, huisvuilbelasting,...

Bij woninghuur dient de onroerende voorheffing door de verhuurder te worden betaald. Deze bepaling is verplichtend. Een contractuele clausule waarin de huurder verplicht wordt de onroerende voorheffing te betalen is dus niet geldig.

Voor de kosten en lasten kunnen partijen kiezen voor een forfaitair of vast bedrag, dan wel of de werkelijke kosten en lasten verschuldigd zullen zijn. Het forfaitair bedrag kan maandelijks, halfjaarlijks of jaarlijks worden bedongen, of voorafgaand de gehele huurperiode worden betaald. Achteraf zal de verhuurder dan geen afrekening meer kunnen opstellen.

Het forfaitair of vast bedrag is de uitzondering. Indien partijen hiervoor opteren nemen zij dit best uitdrukkelijk op in het huurcontract.

Indien men het systeem van de werkelijke kosten en lasten verkiest, zullen tussentijdse provisies worden opgevraagd en volgen latere afrekeningen. De verhuurder zal die afrekeningen maar kunnen opeisen als er aan volgende voorwaarden is voldaan:

  • de kosten en lasten stemmen overeen met de werkelijk uitgaven
  • een afzonderlijke en gedetailleerde rekening werd opgemaakt
  • de verhuurder leverde de bijpassende bewijstukken aan de huurder
  • het teveel betaalde werd terugbetaald

Herziening

De partijen kunnen steeds in de loop van hun contract in onderling overleg het forfaitair bedrag herzien of overschakelen naar het systeem van de werkelijke kosten en lasten.

In tegenstelling tot de Woninghuur kunnen partijen in de gemene huur zich niet eenzijdig tot de vrederechter wenden om het forfaitair bedrag om te zetten in de aanrekening van de werkelijke kosten en lasten. Bij de gemene huur overstijgt de contractsvrijheid de bescherming van de huurder in de Woninghuurwet.

Om een dergelijke procedure bij de vrederechter op te starten neemt u best contact op met een van de advocaten van Huur-Recht.be.